Uitvaartorganisaties worden een beetje hip in Nederland. En ik herinner me van de tijd dat de IJ-oevers nog ravelrand en broedplaatsen waren dat er een kunstenaarscollectief rond uitvaart en dood prachtig mooie ontwerpen voor persoonlijke en eigen dood had gecreëerd.
In de tentoonstelling "De dood leeft" in het Tropenmuseum zien we geen westerse doodrituelen, maar afrikaanse, aziatische, indiase en zuid-amerikaanse.
Wat een feesten! En hoe mooi geïntegreerd in het leven.
Heel anders dan al dat weggestopte en besmuikte, ook al zijn er een paar kunstenaars die dus over de grens kijken.
De airburials, de luchtbegrafenissen uit India en Tibet, die ook zo mooi zijn beschreven in het boek van Colin Tubron, vind ik fascinerend. In Tibet worden lijken in mootjes gehakt en aan de gieren gevoerd. Dat had een praktische reden, geen bomen en rotsige grond. De inuït hangen de doden in bomen omdat de grond te hard is. En de Papoea's, de Asmat, aten ze op (als het vangsten waren; de belangrijke doden werden gemummificeerd en bewaard). Slechts een kleine greep uit de grote varieteit op deze mooie tentoonstelling.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten