Het is juni en dus Holland Festival. Doordat het verre oosten mijn interesse heeft, viel mijn oog op een KunQu voorstelling. KunQu schijnt de oudst overgeleverde theatervorm uit China te zijn en als kunstvorm erkend door de Unesco om in de moderne tijd bewaard te blijven. Er zit zang, muziek, ballet en mooie tekst in.
De jade haarspeld heette het stuk en gaat over een jonge student die verliefd wordt op een non in een taoïstisch klooster. Met Aziatische beleefdheden maakten de student en de non elkaar het hof. "Nee, ik kan niet goed genoeg citer spelen voor u", zei de een tot de ander. En vice versa: "Mijn citerspel is uw oren niet waardig". Ondertussen om elkaar heen draaiend en elkaar aankijkend met sprankelende ogen en veel humor.
De jade haarspeld heette het stuk en gaat over een jonge student die verliefd wordt op een non in een taoïstisch klooster. Met Aziatische beleefdheden maakten de student en de non elkaar het hof. "Nee, ik kan niet goed genoeg citer spelen voor u", zei de een tot de ander. En vice versa: "Mijn citerspel is uw oren niet waardig". Ondertussen om elkaar heen draaiend en elkaar aankijkend met sprankelende ogen en veel humor.
Het was prachtig en verrassend. De dialogen werden vertaald en dat was maar goed ook want de teksten werden geproduceerd met vreemde hoge uithalen. Dat gehyperventileer leidde wat af van de inhoud, bovendien klonk het soms zo absurd dat de zaal ging giechelen. Het begeidende orkestje speelde op authentieke instrumenten, soms klonk dat met opzet jengelig wat erg grappig was. Meestal was het gewoon mooi, harmonieus en oosters. Ik houd van die sfeer.
De kostuums, de gebaren en de mimiek droegen bij aan een energieke, levendige en poetische balts. Dat is toch mooier dan meteen plat op de bek gaan.
